Over het belang van kleine stapjes nemen op je eigen tempo.

Vorige week stuurde ik mijn allereerste nieuwsbrief.

De maanden ervoor schreef ik zeker al 10 onderwerpen hiervoor op in mijn bullet journal.

En zeker nog eens 10 in OneNote.

Hier en daar schreef ik zelfs al flarden tekst uit.

Om ze daarna onaangeroerd te laten staan in mijn notities.


Iets weerhield me om eraan te beginnen. De berg leek te hoog, iets zinnigs schrijven onbegonnen werk.


Neem het aan van een ervaren berggeit



En toen moest ik terugdenken aan onze reis naar Nepal.


We schrijven 2010 en ik probeer Annapurna Base Camp te bereiken met mijn vriend (nu man). Hij: een ultra-sportieve ervaren berggeit. Ik: een anti-sportieve speelvogel die liever rondhangt op lokale marktjes en die nog nooit meer dan 150 meter naar boven heeft gestapt.

Buiten adem kwam ik aan boven op de eerste helling.


Trillende benen, paarsrood hoofd en een hartslag boven de 200 slagen per minuut.

Nog maar 15 kilometer en 2.500 hoogtemeters te gaan vandaag.En morgen en overmorgen hetzelfde. Help!

De rustige berggeit kwam naast me zitten.


‘Zoetje, zo gaat dat nooit lukken. Als je alsmaar sprint, weer rust en weer sprint, dan put je jezelf uit.

Je moet trager stappen.

Voetje voor voetje in plaats van grote stappen.’

Hij bleek gelijk te hebben.

Die knappe Italianen die me genadeloos voorbijsnelden 's ochtends, kwamen uiteindelijk later dan ons aan in de berghut.


Het paarsrode hoofd bleef helaas, maar ik hield het zowaar vol om 8 dagen te klimmen en dalen om uiteindelijk het Base camp te bereiken.


Op mijn eigen tempo.




Bouwen aan je zichtbaarheid is een pad dat jij alleen mag uitzoeken.


En zo voelt het ook met ondernemen, zichtbaar worden en je communicatie uitbouwen tot iets wat goed voelt. Het is geen race naar een ultieme top.

Het is niet jezelf uitputten en te grote stappen zetten buiten je comfortzone.

Om de dag nadien stijf te zijn, blaren te hebben en terug af te zien tot de volgende top.

  • Het is een schoon pad, met steile hellingen, soms diepe dalen, af en toe een road block. Soms ga je als vanzelf vooruit, soms wegen je benen als lood.

  • Het is veel oefenen. Wroeten en soms vallen of verdwalen.

  • Voelen wat je lijf en je hart nodig hebben. Soms is dat een paar dagen platte rust. En soms is het wachten met je eerste nieuwsbrief uit te sturen tot je 40 wordt en er klaar voor bent (that's me!)

Het is een pad dat alleen jij mag uitzoeken, en helemaal op je eigen tempo.


Slenter maar.

Of strek je benen eens.


Sprint af en toe een stukje als je daar zin in hebt.


Vraag de weg en maak een praatje met een vriendelijke passant.


Of wandel even mee met iemand die al eens in de buurt geweest is.

Maar bovenal: doe het voet voor voet en vergeet niet onderweg te stoppen en van het uitzicht te genieten.